Een perfect concept

Met het Oog op Morgen is een half jaar jonger dan ik, maar het was een stuk sneller volwassen. Ik kan me het programma in ieder geval niet in een andere vorm herinneren dan het nu nog steeds heeft. Het zal 1981 zijn geweest, of 1982. Ik hield ervan om op de achterbank van de auto tussen de voorstoelen in te zitten, te kijken naar de koplampen die ons op de andere weghelft voorbijzoefden en te bedenken dat daar mensen achter zaten, waarschijnlijk op weg naar hun huis, waar dat ook was.

Op de A44 ter hoogte van Oegstgeest hoorde ik Reinhard Mey en Hans Hoogendoorn. Wie er presenteerde is me niet bijgebleven, evenmin als de onderwerpen. Dat maakt bij het Oog dan ook vrij weinig uit. Het programma heeft zijn eigen toon en de rest is daaraan ondergeschikt. Voor mij als jochie sprak die toon in ieder rust, de geborgenheid van een kleine radiostudio die zijn tempo oplegde aan zijn onderwerpen en zijn luisteraars, en nooit andersom. Het blijft een van mijn favoriete radiomomenten.

Nu ik wel eens in Met het Oog op Morgen optreed ga ik in dat tempo mee. In andere radioprogramma’s kun je proberen om een voorbereid verhaal te presenteren, maar hier zul je een echt gesprek aan moeten gaan en kijken waar het je brengt, acht minuten lang. Als je je voor een gesprek in het Oog inhoudelijk moet voorbereiden ben je al te laat. Voor mij werkt het beter om een eind te gaan wandelen voor de uitzending zodat ik me met een leeg hoofd kan melden.

Die verdoemde laatste minuut -- in de studio in Leiden
Die verdoemde laatste minuut — in de studio in Leiden

Mijn notitieboekje is wel altijd mee. Ik kan namelijk slecht zonder notitieboekje als ik in rust de laatste minuut af moet wachten voor ik op zender ben. In chaotische situaties is het geen probleem, maar als ik zit – zeker in een studio – dan ga ik alsnog nadenken wat ik ga antwoorden voordat ik een vraag heb gekregen. Zo’n minuut kan lang duren. Door wat losse aantekeningen te maken voorkom ik dat.

Voor het Oog is dat dan gelijk de enige geschreven voorbereiding die ik heb. Laatst stond er: “achterhoedegevecht – Dublin”. De plaat liep op zijn eind. Ik legde mijn pen en noitieboek opzij. De rode lamp op mijn microfoon floepte eindelijk aan.

Een gesprek in Met het Oog op Morgen over de twintigste herdenking van de val van Srebrenica. Over een brakke telefoonlijn vanuit een brakke hotelkamer in Bratunac.

%d bloggers like this: